Altichiero da Zevio’s fresco’s in het Oratorio di San Giorgio, Padua (1378-84)

Altichiero da Zevio, 1378-84, Fresco, Oratorio di San Giorgio, Padua
Altichiero da Zevio (c. 1330 Zevio - c. 1390 Verona), Twee frescoscènes op de noordoostelijke muur, 1378-84, Fresco, Oratorio di San Giorgio, Padua

In opdracht van Raimondino de’ Lupi werd tussen 1377 en 1378 het Oratorio di San Giorgio in Padua gebouwd, als grafkapel van diens familie. Het bevindt zich naast de Basilica del Santo, aan de zuidkant van het plein dat op dat moment diende als begraafplaats. Hoewel de marchesi van Soragna, waaronder Raimondino, afkomstig waren van de regio van Parma leefden zij als ballingen in Padua, waar zij een van de belangrijkste families waren.

Altichiero da Zevio en het Oratorio di San Giorgio

Altichiero da Zevio werd door Raimondino de’ Lupi aangesteld om de kapel van San Giorgio, Sint Joris, te decoreren. De frescoserie is het belangrijkste werk van Altichiero, maar had in de loop der eeuwen veel te verduren. In de periode van de Napoleontische oorlogen werden de muren zelfs witgekalkt en de fresco’s werden in 1837 herontdekt.

Facade-Oratorio-di-San-Giorgio-Padua

Façade van de Oratorio di San Giorgio, Padua (1378-84)

De architectuur en de indeling van de fresco’s doen denken aan de Scrovegni Kapel die zes jaar eerder werd voltooid. Net al de Scrovegni Kapel heeft het oratorium een smalle bakstenen gevel, een enkel schip met een tongewelf dat is gedecoreerd met een blauwe sterrenhemel. De muren zijn verdeeld in architectonische kaders die de verhalende fresco’s organiseren in een duidelijke volgorde. In tegenstelling tot de Scrovegni Kapel zijn de picturale velden hier echter van verschillende grootte.

Altichiero-da-Zevio-fresco-Oratorio-di-San-Giorgio-Padua

Altichiero da Zevio, fresco’s in het Oratorio di San Giorgio, Padua (1378-84)

De fresco’s bij de entree en het altaar zijn gewijd aan Christus en Maria, en die op de muren in de lengterichting zijn gewijd aan de heilige St Joris, St Lucia en Catharina van Alexandrië.

Altichiero da Zevio, 1378-84, Fresco, Oratorio di San Giorgio, Padua

Altichiero da Zevio (c. 1330 Zevio – c. 1390 Verona), Twee frescoscènes op de noordoostelijke muur, 1378-84, Fresco, Oratorio di San Giorgio, Padua

Op de noordoostelijke muur zijn zes fresco’s gewijd aan het leven en het martelaarschap van St Joris. Op de afbeelding zie je hoe de heilige Joris de Koning en zijn familie doopt, aan de bovenzijde, en hoe dezelfde heilige door Engelen wordt bevrijd van martelingen op het Wiel, aan de onderzijde. Volgens de Legenda Aurea had de koning een grote kerk gebouwd ter ere van de Maagd Maria en St Joris. Deze driebeukige basiliek op de imposante architecturale achtergrond van de bovenste scène. Hieronder zie je hoe Sint Joris werd veroordeeld tot verschillende martelingen. Maar noch de gifbeker die hem werd gegeven, noch marteling met het houten wiel dat is bezaaid met zwaarden, doen de heilige enig kwaad. Twee engelen grijpen in en het wiel breekt in stukken. In afschuw krimpen de commandant, de folteraars, soldaten en de toeschouwers ineen.

Altichiero da Zevio , Frescoscènes bij de entreemuur, Oratorio di San Giorgio, Padua

Altichiero da Zevio (c. 1330 Zevio – c. 1390 Verona), Frescoscènes bij de entreemuur, 1378-84, Fresco, Oratorio di San Giorgio, Padua

De fresco’s op de Noordoostelijke muur, bij de entree, vertellen het verhaal van Christus’ kindertijd. Je ziet de Annunciatie (boven), de Aanbidding der Herders (midden links), de Aanbidding der Wijzen (midden rechts), de vlucht naar Egypte (linksonder) en de Presentatie in de Tempel (rechtsonder).

Altichiero da Zevio St Joris doodt de draak Oratorio di San Giorgio, Padua

Altichiero da Zevio (c. 1330 Zevio – c. 1390 Verona), St Joris doodt de draak, 1378-84, Fresco, Oratorio di San Giorgio, Padua

Zes van de zeven fresco’s op de Noordelijke muur, dat wil zeggen links van de entree, zijn gewijd aan het leven en het martelaarschap van St Joris of Giorgio. In het hoge register van de muur is het eerste fresco ‘Joris doodt de draak’. Naast de ridder en de draak, en uiteraard de prinses die het geheel angstvallig bekijkt, voegde Altichiero een verzonnen rotsachtig landschap en de stad van Silene toe. Vanaf de stadsmuren kijken de koning en zijn vrouw, evenals de bewoners van de stad, naar de strijd die plaatsvindt voor de stadspoort.

Altichiero da Zevio, De onthoofding van St Joris, Oratorio di San Giorgio, Padua

Altichiero da Zevio (c. 1330 Zevio – c. 1390 Verona), De onthoofding van St Joris, 1378-84, Fresco, Oratorio di San Giorgio, Padua

Voor eenzelfde stadsmuur werd de heilige Joris echter ook onthoofd. Deze scène wordt levendig verbeeld door Altichiero, op de laatste fresco van de noordoostelijke muur. Terwijl de heilige in gebed knielt heft de beul boven hem zijn zwaard, klaar om de dodelijke slag toe te brengen. Rondom de heilige hebben zich soldaten met speren en lanzen, offcieren te paard en een aantal burgers verzameld. De emoties van de scène worden versterkt door de pijn die op de gezchten van de omstanders te lezen is. Let op de manier waarop de vader zijn zoon weghaalt van de plaats van de macabere marteling.

Met deze fresco’s toont Altichiero zich als een meester in het ontwerpen van architectonische scènes. Zijn figuren bevinden zich in een ruimte. Hiernaast doen de scènes sereen en weloverwogen aan, wat meteen doet denken aan de meesterwerken van Giotto. Meer dan andere kunstenaars is Altichiero dan ook schatplichtig aan deze grote kunstenaar.

Laat een reactie achter!